Naar volgende pagina

De kop van de tamme rat

De tamme rat heeft in verhouding een lange kop. Het bedraagt ongeveer 20% van de lichaamslengte exclusief de staart. De snuit is niet zo spits zoals die van de huismuis. Maar door verkeerde selectie komen er wel ratten voor met een te spitse snuit. De kop is breed van postuur met twee grote ronde kraalogen, een neus met twee neusgaten, een bek, snorharen en voelsprieten. Dit zijn de zintuigen waarmee de tamme rat waarneemt: horen, zien, ruiken, proeven en voelen.

De stevigheid van de kop wordt verkregen door de schedel. De kop kan hierdoor tegen een stootje. De voornamelijkste functie van de schedel is het beschermen van de hersenen. De schedel bestaat uit verschillende botgedeeltes zoals jukbeenderen, neusbeenderen, oogkast, onder- en bovenkaak. Samen met spiermassa bepalen zij de vorm van de kop. De vorm is bij mannelijke ratten anders dan van de vrouwelijke ratten. Het mannelijke rat heeft namelijk een breder kop en een vrouwelijke rat een wat spitser kop. De schedel van de rat bestaat uit twee losse gedeeltes, namelijk de onderkaak en de bovengedeelte van de schedel, ook wel het cranium genoemd. Het bovenkant, het gedeelte dat de hersenen beschermt, heet de schedeldak.



De kop en rug zijn gestroomlijnd. Als je van de zijkant kijkt, lijkt het net of dat de kop aan de romp vast zit. Dit is niet het geval. De tamme rat heeft een korte nek en hals. De kop kan daardoor vrij van de romp bewegen zodat de rat om zich heen kan kijken en voelen. De snorharen gaan ongeveer vier tot zes keer per seconde heen en weer. En door de kop te bewegen kan hij de omgeving voelen zonder te zien. Boven de ogen zitten voelsprieten zodat hij ook het bovengedeelte kan voelen. Zowel de oren als ogen zitten aan de zijkant. Daardoor heeft de tamme rat een brede kijkhoek en kan hij horen waar het geluid vandaan komt. Het geluid komt namelijk niet tegelijk bij de beide oren aan. De kop is bedekt met vacht, behalve net voor de neusingang en de ooringang. De ooringang is niet bedekt met haren zodat geluid niet gehinderd wordt. De oorschelpen zelf zijn wel behaard. Deze haren zijn heel klein van lengte.

De vorm en de omvang van de kop is per geslacht verschillend. De mannetjes hebben een groter kop en meer hoekige rondingen. De kop van de vrouwtjes zijn spitser en smaller.

Foto's

Foto rechtsonder, met de blauwe tralies op de achtergrond, is een foto van een kop van een wilde bruine rat. Het gaat hier om een uit wild gevangen rat.









De bovenstaande bewerkte foto's zijn gemaakt door Gaelle Van Styvendael.

 Bezoekers: 376.992, pagina's 756.276